Engelandvaarders

EngelandvaardersDrie UT-studenten bemachtigden begin 2010 een talentenbeurs van het Nuffic. Met hun Huygens Scholarship volgen ze in 2010/2011 een master in Engeland. Remco Bloemen koos voor Cambridge (mathematische fysica), Felix van Urk voor Oxford (sociale interventies) en Yori Kamphuis voor Londen (geopolitiek aan King's College). In deze blog schrijven de drie Engelandvaarders regelmatig over hun voorbereidingen en ervaringen.
(Op de foto, van links naar rechts: Remco, Yori en Felix.)

Hoezo ‘Goodenough’?

Geplaatst op: 2 september 2010

Mijn kamer is leeg, de meeste abonnementen zijn opgezegd, en de verhuizing uit Enschede is geregeld. Over minder dan twee weken vertrek ik, maar er moet nog veel gebeuren.

Zenuwen? Daarvoor is er geen tijd. De meeste van de resterende dagen ben ik druk. Ongelofelijk druk. Met reizen, ons bedrijf Qubis, het geven van trainingen en voeren van vergaderingen. Af en toe ook met feestjes, drankjes en etentjes – gelukkig!

Nog geen 5 uur. Dat is de reistijd van deur tot deur, van mijn ouders naar mijn nieuwe stek in Londen. Dat is maar een uurtje langer dan naar Enschede (what a joy, to live in the south!) en dat valt dus alleszins mee.

Inderdaad, van deur tot deur: inmiddels weet ik waar ik komend jaar zal vertoeven. Het London House (www.londonhouse.org.uk) wordt één jaar lang ‘mijn’ plek. Het is onderdeel van Goodenough College – een graduate students house. Bij het zien van foto’s zul je de naam ‘Goodenough’ enigszins ironisch vinden.

Voor zenuwen heb ik dus eigenlijk geen reden. Zin heb ik des te meer. Goodenough biedt veel activiteiten aan: zo’n 100 avonden per jaar zijn gevuld met diners, banketten, lezingen. Maar ook met muziek, dans en culturele avonden. Bovendien zijn er tal van clubs. London is meer dan enkel Goodenough. Graag ga ik eens naar Chatham House (www.chathamhouse.org.uk/research/security), bijvoorbeeld.

De boodschap moge duidelijk zijn: ik kijk uit naar een bijzonder jaar in deze stad met 7,5 miljoen inwoners. Het is als drukstbezochte stad ter wereld een bruisend middelpunt op haast elk gebied. Of het dat ook blijft, is de vraag. Met de opkomst van Aziatische reuzen als China en India (die samen ongeveer 45% van de wereldbevolking herbergen), zou er wel eens snel verandering in kunnen komen.

Ook dat is geopolitiek – een boeiend vakgebied, waarover later meer!

Yori Kamphuis

Ga ervoor en geloof erin

Geplaatst op: 16 juni 2010

Mijn vliegtuig is zojuist geland vanuit Boston, ik kijk in mijn agenda en denk opgelucht: ‘Die is leeg. Dat heb ik goed gepland.’ Maar zodra ik mijn telefoon aanzet stromen de sms’jes binnen, doet outlook weer z’n werk en stroomt er een hele rij e-mails binnen.

Eerst maar even op bed een verwoede poging doen om mijn jetlag te verwerken. Daarna  werp ik weer een blik op de lijst en zie een bekende naam voorbij flitsen. Ik kijk naar het onderwerp van de mail en realiseer me: ‘… ik ben iets vergeten in mijn agenda te zetten.’ Ik weet dat er maar één ding op zit: snel eventjes aan het werk!

Het resultaat? Dat lees je nu.

Engeland. Londen. King’s College. Mijn toekomst zou er minder rooskleurig uit kunnen zien!  Ik kijk uit naar het avontuur dat mij vanaf september twaalf maanden lang te wachten staat. Natuurlijk. London is een prachtige stad, die bruist, die leeft. Daar gebeurt het, daar is het. Maar voordat ook ik daar kan zijn, voordat het zover is, is Enschede mijn strijdtoneel. Nog eventjes.

Deze week had ik het genoegen om het resultaat van tien weken hard werken te mogen presenteren. Vooraf werd ik door velen voor gek verklaard: ‘Wie stopt het hele proces voor het maken van een bachelorthesis nu in tien weken?’

Het antwoord heb ik al gegeven: ik. En het is nog gelukt ook. Je moet er alleen voor gaan. Je moet er in geloven dat het lukt.

Datzelfde geldt voor aanmeldingen bij een van de zogeheten topuniversiteiten in de wereld. Idem dito voor de beursaanvraag.

Ga ervoor, geloof erin, en zie daar het resultaat.

En als zelfs ik het kan …

Yori Kamphuis

‘Welk land, welke instelling, welke studie?’

Geplaatst op: 3 juni 2010

Op 27 mei was het dan zover: Yori, Remco en ik mochten onze HSP beurzen komen ophalen in Den Haag.

Aangekomen bij het Spaansche Hof, een passende gelegenheid voor een dergelijk evenement, begonnen direct de eerste gesprekjes met de andere bursalen. Zoals een Amerikaan een gesprek vrijwel altijd start met de vragen ‘ hoe gaat het’, ‘waar woon je’ en ‘wat voor werk doe je’, begonnen de bursalengesprekjes met de vragen ‘welk land’, ‘welke instelling’ en ‘welke studie’.  Hoewel het bij de meesten pas verrassend wordt bij het antwoord op de laatste vraag (veruit de meesten kozen voor universiteiten uit Engeland en de Verenigde Staten), waren er bijzondere uitzonderingen. Een greep: een jongen had besloten een dansopleiding te gaan volgen aan het Broadway Dance Center in New York om nieuwe dansen te ontwikkelen,  een ander koos ervoor om aan het wereldberoemde Royal College of Music in Londen zijn pianistische vaardigheden uit te breiden.  En dan was er nog een meisje dat een soort backpack-studie gaat doen: studeren in vijf Europese landen.

Er waren ook gesprekjes met een shock effect (toen een meisje me vertelde dat ze voor twee studies gemiddeld boven de 9 stond besloot ik nog een glaasje rode wijn te halen) en gesprekken waarbij waardevolle contacten konden worden gelegd (het bleek dat er meerdere mensen waren die net zo’n studie als ik in Zuid-Engeland gingen doen).  Maar wat vooral in ieder gesprek weer opviel was dat de term ‘topstudent’ behoorlijk breed genomen dient te worden. De zaal zat vol gedreven mensen, ieder met een andere passie, die elk hadden laten zien over bijzondere kwaliteiten te beschikken. Een opmerkelijk fenomeen binnen ons bescheiden – lees vlak – kikkerlandje. De informele gesprekssfeer maakte de gezellige dag helemaal af.

Na al deze indrukwekkende gesprekken verliet ik het Spaansche Hof en brachten de straten van Den Haag me weer down to earth. Zachtjes kauwend op een rol kebab (de smaak van gekruid kalfsvlees is voor alle studenten – ‘top’ of niet – even goddelijk) in een wiegende trein keerden we terug naar het schone Enschede.

Felix van Urk