DONDERDAG 20 MAART 2008
Weekblad van de Universiteit Twente
De flash-versie moet bijgewerkt worden! . Download hier de nieuwste versie..
NIEUWS
NIEUWS
NIEUWS
NIEUWS
NIEUWS
ONLINE NIEUWS:
ONLINE NIEUWS:
EDITIE 20 Maart 2008
EDITIE 20 Maart 2008
RUBRIEKEN
EDITIE 20 Maart 2008

INGEZONDEN: KEUZE VOOR TECHNISCH PROFIEL

In een reeks ingezonden brieven van medewerkers van de faculteiten MB, GW en anderen met een maatschappij- of gedragswetenschappelijke achtergrond is de afgelopen weken sterk gereageerd op het voornemen van het CvB om het profiel van de UT aan te scherpen. In de hele reeks zijn twee standpunten te onderkennen die ons inziens de discussie op een onvruchtbaar spoor zetten, alsmede een derde standpunt waar we naar onze mening een gezamenlijke visie op een profiel op kunnen bouwen.

Het eerste standpunt betreft het aantal studenten. `We kunnen door aanwas in de gedrags-, gezondheids- en maatschappijwetenschappen (ggm) wel doorgroeien naar tienduizend studenten,' zegt de een; “'er is een scenario mogelijk waarin het aantal techniekstudenten tot nul daalt', filosofeert de ander. Die scenario's zouden zich inderdaad kunnen voordoen. Als het gebeurt zullen we ons wederom ernstig op ons profiel moeten bezinnen. Ons doel op dit moment moet echter zijn om op een ander omgevingsverschijnsel te reageren, namelijk het bleke profiel dat de UT bij bedrijven en scholieren in Nederland heeft. En ons antwoord daarop moet zijn een helder profiel als technische universiteit te kiezen.

Een standpunt dat uit de brievenreeks herhaaldelijk naar voren komt is dat het CvB wil terugkeren naar een verouderd beeld van de techniek, en de ggm-wetenschappen wil afstoten. Dat is vreemd, want wij hebben het CvB dat nooit horen zeggen, noch iemand anders binnen deze universiteit overigens. Het creëert ook ruis, want door de discussie op deze manier te framen moet ieder die zich in de discussie mengt eerst uitleggen dat opheffing van ggm-faculteiten niet is wat hij of zij voorstelt.

Het derde standpunt in de brievenreeks is een stuk constructiever en geeft aan waar we het eens zijn: Succesvolle techniek, aldus de brievenschrijvers, wordt vanaf het eerste productidee ontwikkeld met oog voor zowel techniek als voor maatschappelijke context. Ggm-wetenschappen zijn dus onmisbaar op een technische universiteit. Dat is nu precies wat we het CvB hebben horen zeggen, en ook onder onze collega's in de faculteit EWI bespeuren we overeenstemming over die observatie.

Om te zien wat het inzetten op succesvolle techniek voor de UT betekent moeten we iets meer zeggen over de relatie tussen techniek en maatschappij. De ontwikkeling van techniek is altijd al nauw vervlochten geweest met de beoogde gebruikscontext. En technisch onderzoek, ook als het zich tot fysieke verschijnselen beperkt, heeft altijd praktijkcondities meegenomen waar zuivere wetenschap van kon abstraheren. Vandaar dat de technische natuurkunde en technische wiskunde die in Twente, Delft en Eindhoven worden bedreven andere disciplines zijn dan de theoretische natuurkunde of de zuivere wiskunde die aan de algemene universiteiten wordt bestudeerd. Technisch onderzoek bevindt zich in wat wel Pasteur's quadrant genoemd wordt, wat wil zeggen dat het gedreven is door zowel nieuwsgierigheid als door de wens praktisch nuttige resultaten op te leveren.

Wat nieuw is, en waar de UT ons inziens op zou moeten reageren, is de steeds hogere mate van vervlechting van techniek en maatschappij die nu aan het ontstaan is. Moderne techniek is geminiaturiseerd, mobiel, draadloos, ingebed in netwerken van netwerken die uiteindelijk de wereld omspannen, kortom: pervasive. Er is tegenwoordig vraag naar ingenieurs bij bedrijven waar vroeger weinig of geen technisch personeel in dienst was. Waar banken, verzekeraars en overheden 40 jaar geleden nog voornamelijk papier heen en weer schoven, hebben deze organisaties tegenwoordig complexe technische infrastructuren die in wereldwijde netwerken met elkaar verbonden zijn; mobiele technologie neemt een grote vlucht in verschillende sectoren van de maatschappij zoals de gezondheidszorg en in consumentenelektronica; nieuwe technologiën zoals nano- en biotechnologie zullen een nog nauwere vervlechting van techniek en maatschappij laten zien. Tegelijk blijkt dat bestuurders zowel als consumenten het overzicht over deze netwerken kwijt lijken te zijn. Beveiliging blijkt een groot probleem, beheer is een nachtmerrie, energieverbuik is een groeiend probleem. Het is niet voor niets dat NWO deze week een onderzoeksprogramma met als thema `Complexiteit' lanceert.

Deze ontwikkelingen vereisen een nieuwe benadering binnen de technische wetenschappen waarin de vervlechting van sociale en technische contexten recht wordt gedaan. En net als in de fysische en wiskundige wetenschappen gebeurd is, vereist dit een specialisatie van ggm-wetenschappen tot technische ggm-wetenschappen, die rekening houden met praktijkcondities waar algemene wetenschappen van kunnen abstraheren. Ook technische ggm-wetenschappen moeten zowel nieuwsgierigheidsgedreven als nuttigheidsgedreven zijn, naar het grote voorbeeld van Pasteur.

De UT is sterk gepositioneerd om deze lijn te volgen. Onder andere door de onderzoeksinstituten heeft de UT sterke multidisciplinaire programma's; en door programma's zoals TOP is de UT succesvol als ondernemende universiteit. Nergens in Nederland is een universiteit te vinden met meer spin offs. Dat is in belangrijke mate te danken aan het feit dat de technische disciplines sinds jaar en dag staan voor succesvolle techniek. Dit is te weinig buiten de UT bekend. Terecht is eerder in deze discussie opgemerkt dat een profiel uit een missie moet volgen. De missie van elke technische universiteit is om wetenschappelijk onderzoek te doen (nieuwsgierigheidsgedreven) naar techniek (nuttigheidsgedreven). De bijzondere invalshoek van de UT moet zijn dat we technische en sociale systemen in hun samenhang onderzoeken.

Concreet betekent dit dat we een universiteit zijn voor technische gedragswetenschappen, techniekmanagement & bestuur, elektrotechniek, technische wiskunde en technische informatica, construerende technische wetenschappen en technische natuurwetenschappen - we houden de volgorde van de UT website aan. Dat is een hele mondvol en het ligt voor de hand een kortere naam te zoeken. Er is ons inziens niets mis met `Ondernemende Universiteit Twente'. Elke andere naam zal beginnen met een volledige naamsonbekendheid. Belangrijker is dat naast klassiek technisch onderzoek, onmisbaar aan een technische universiteit, en naast mutltidisciplinair onderzoek dat aan de UT al floreert, aan de UT ook ggm-onderzoek wordt gedaan naar gedrag, management en bestuur in relatie met techniek. Inzetten op algemeen ggm-onderzoek en -onderwijs zal ons geen duidelijk profiel ten opzichte van de algemene universiteiten opleveren; in vergelijking met de algemene universiteiten zijn we op die gebieden overigens een van de kleinste spelers. Daar kunnen we geen wervend profiel op baseren. Inzetten op technisch onderzoek in de volle breedte van hedendaagse contextrijke techniek zal de universiteit een herkenbaar profiel geven. Kortom, de Ondernemende Universiteit Twente is een Technische Universiteit waar Gedrags, Gezondheids en Maatschappijwetenschappen onlosmakelijk met de Techniek verbonden zijn.

Prof.dr. Roel Wieringa, faculteit EWI

De brief is medeondertekend door de hoogleraren M. Aksit, J. van Amerongen, P. Apers, A. Bagchi, A. van den Berg, H. Brinksma, A.Driessen, M.Elwenspoek, E. van Groesen, P. Hartel, B.Haverkort, F.Leferink, B. Nauta, W. Olthuis, P. Regtien, J. Schmitz, C. Slump, S. Stramigioli, M.Uetz, P.Veltink en J.van de Pol.


Print Versie